De regels op onze Naschoolse opvang

Op de Naschoolse opvang van Mamaloe dient ieder kind zich thuis te voelen. En daarvoor zijn dus ook een aantal regels nodig.

Onze pedagogisch medewerkers hebben de taak om een klimaat te scheppen waarin elk kind

  • zich veilig voelt
  • zich thuis voelt
  • zich kan ontwikkelen

En daarom zijn er duidelijke regels gesteld, maar dat begint bij de normen en waarden.

Overleg over onze normen en waarden

Normen zijn regels over hoe mensen zich in het algemeen moeten gedragen. Over wat ze wel of juist niet mogen doen.

Waarden betreffen opvattingen over wat mensen belangrijk, mooi of juist vinden. En wat zij daarover denken, voelen, zeggen.

Waarden zijn heel persoonlijk. De pedagogisch medewerkers, en ook de ouders hebben onderling een verschillende kijk op wat belangrijke dingen zijn in het leven.

De een is gelovig en heeft vanuit dit geloof haar normen en waarden, de ander heeft vanuit een maatschappelijke stroming haar opvattingen over wat er wel en niet goed is. Dit maakt het niet eenvoudig om de kinderen eenduidige normen en waarden over te brengen.

Concreet betekent dit dat wij samen overleggen hoe we de kinderen het beste normen en waarden kunnen aanleren. Dit doen we door samen met de ouders te kijken wat zij belangrijk vinden en of we op dezelfde lijn zitten.

Schelden en vloeken wordt direct aangepakt

Over een aantal zaken dienen we op de NSO heel duidelijke regels te stellen. Schelden en vloeken is daar een goed voorbeeld van. Dit is absoluut verboden.

Het kan voorkomen dat een kind tijdens het spelen een vloek of scheldwoord laat ontglippen. Het kind wordt hierop meteen aangesproken.

Schelden tegen de leiding wordt direct gestraft. In beide gevallen wordt dit gemeld aan de ouder als deze het kind komt ophalen.

Pesten voorkomen en bespreken

Pesten komt op scholen helaas maar al te vaak voor. Op de NSO proberen wij daar dan ook duidelijke maatregelen tegen te treffen.

Pesten is het herhaaldelijk en langdurig psychisch en/of lichamelijk mishandelen van een of meerdere personen, die niet in staat zijn zichzelf te verdedigen. Op de NSO wordt pesten niet getolereerd.

Wat wij doen om pesten te voorkomen of te bestrijden:

  • Zorgen dat de sfeer op de groep goed is en goed blijft door bijvoorbeeld het  organiseren van groepsactiviteiten: voorlezen uit prentenboeken/leesboeken over pesten en erover napraten.
  • Er worden geen kinderen voorgetrokken door de pedagogisch medewerkers, alle  kinderen worden gelijk behandeld.
  • Als de pedagogisch medewerker door heeft dat de kinderen elkaar pesten worden ze bij elkaar geroepen en wordt uitgelegd dat pesten niet leuk is en dat je daarmee elkaar kan  kwetsen.

Actieve houding tegen discriminatie

Discriminatie is een sociaal onrecht. Wij geloven dat vooroordelen, discriminerende uitingen en gedragingen, al dan niet bewust, een desastreuze invloed hebben op het leefklimaat binnen de gehele samenleving.

Wij zullen ons inzetten om alle vormen van vooroordelen en discriminatie op de NSO te bestrijden.

Binnen de NSO ligt in dat opzicht een belangrijke pedagogische taak. In onze opvoedingsstijl naar de ons toevertrouwde kinderen komt deze mening als vanzelfsprekend tot uiting.

Liever belonen dan straffen

Het is af en toe nodig om kinderen te corrigeren. De pedagogisch medewerker moet telkens een bewuste overweging maken of zij het gedrag zal negeren, een alternatieve oplossing zal zoeken of dat zij het gedrag zal corrigeren.

Vaak werkt het negeren van negatief gedrag gekoppeld aan het belonen van positief gedrag het beste.

Belonen is een vorm van stimuleren. Een beloning kan zijn: vriendelijke woorden, glimlachen, applaus, duim opsteken, een knipoog, een aai of schouderklopje. Positieve aandacht geven is ook belonen, bijvoorbeeld als kinderen leuk aan het spelen zijn.

Materiële beloningen kunnen af en toe (sticker e.d) maar moeten niet vanzelfsprekend zijn.

Consequent bij het straffen

Conflicten tussen twee kinderen lossen wij op door allebei de kinderen daarop aan te spreken.

Wij vragen ook wat er precies gebeurd is en geven de kinderen de kans om hun verhaal te doen. Daarna laten wij de kinderen hun excuses aan elkaar aanbieden.

Straffen is soms onvermijdelijk, bijvoorbeeld wanneer een kind een ander kind geslagen heeft. De straf houdt meestal in dat het kind rustig apart op de bank moet zitten. De duur van de straf zal binnen de tijdsbeleving van het kind passen.

Straffen heeft minder effect als er veel tijd is verstreken tussen de daad en de straf. Een goede straf heeft altijd een duidelijke verband met datgene wat gebeurd is.

De pedagogisch medewerker is consequent. Indien zij een kind waarschuwt, moet zij ervoor zorgen dat als het gedrag niet verandert de straf wordt uitgevoerd. Dit betekent dat de aangekondigde straf uitvoerbaar moet zijn.

We steunen de emotionele ontwikkeling

Een kind moet nog leren welke emoties een bepaalde situatie kan oproepen. Het is belangrijk dat een kind zijn behoeftes en verlangens kenbaar durft te maken.

We begeleiden de kinderen bij allerlei emoties en helpen de kinderen ze te benoemen.

Wij richten ons bijvoorbeeld op de volgende emoties:

  • Als een nieuw kind het eng vindt om in een groep onbekende kinderen zijn/haar weg te vinden.
  • Emoties die voortkomen uit de privé situaties -
  • Ruzies
  • Teleurstellingen wanneer het ene kind niet wilt spelen met wat het andere kind voorstelt.

Wij laten de kinderen zoveel mogelijk hierin hun eigen weg vinden, maar bieden steun zodra een kind hulp zoekt of wanneer we denken dat een kind met zijn emoties geen raad weet.

Dit doen wij door de kinderen vaak uit te leggen dat als een kindje misschien geen zin heeft om dat spelletje te spelen en dat het niet verplicht is om iets te spelen waarin hij/zij geen zin heeft.

Observatie van ontwikkeling en gedrag

Er worden geen structurele observaties gemaakt om de ontwikkeling van de kinderen te volgen. Dit gebeurt alleen als er problemen met een kind is of als we geen goed gevoel hebben.

Eén keer per jaar observeren we wel alle kinderen om erachter te komen of het kind het naar de zin heeft. Aan de hand van de uitkomst kunnen we naar behoefte van de ouders 10-minutengesprekken voeren.

Veiligheid door consequente regels

Wij proberen ervoor te zorgen dat er vaste vertrouwde pedagogische medewerkers aanwezig zijn waar het kind zich aan kan hechten.

Heel belangrijk is het zelfvertrouwen van het kind. Door het tonen van respect voor het kind en de eigen inbreng van het kind, kan het zelfvertrouwen vergroot worden.

We handhaven een consequente regelgeving en naleving daarvan. Dit betekent dat wij ingrijpen als een kind gevaarlijke toeren uithaalt die een gevaar voor zichzelf en voor andere vormt.

De pedagogische medewerker dient zich emotioneel betrokken te voelen bij de kinderen. Hierbij wordt dan ook een band van vertrouwen van het kind naar de pedagogische medewerker opgewekt.

Dit doen we door goed naar het kind te luisteren en het kind te laten weten dat je hem of haar begrijpt. Door veel te vragen tijdens het praten bijvoorbeeld "wat heeft je verdriet gedaan" of "hoe voel je je", tonen wij onze interesse en stellen het kind op zijn gemak.


Terug van Regels NSO naar Naschoolse opvang
Terug naar Kindercentrum Mamaloe